donderdag 9 juli 2009

Romario is een beetje moe

Ruud en Jan rusten even uit op het stoepje bij de bakker

Etappe: Creysse - Lectoure
Hoe was je dag? “Lang” zei Rinus Visser. En iedereen zei het hem vandaag na. Uitzonderingen daargelaten. “Ik vond het een mooie tocht” (Bouke Bunink). “Ik heb lekker gefietst” (Monique Andriessen). Maar Bouke en Monique zijn niet representatief voor de Nederlandse bevolking van 18 jaar en ouder. Zo eet Bouke nooit iets dat groen is, en schijnt Monique thuis over een (althans voor Limmen) unieke verzameling “vingerbadjes” te beschikken. Mijn kamergenoot Har Rovers vond het een “erg vlakke rit”. Maar bij Har weet je nooit of hij iets serieus meent. Zo staat Har volgens eigen zeggen bekend als ‘de snurker van Reuver’. Maar ik heb de goede man ’s nachts nog nauwelijks horen ademen.
Het was gewoon een takke-eind vandaag. Geen meter vlak en veel wind tegen. Nu had ik het geluk in een groep van zeven man te zitten die redelijk tot heel goed rond draaide. Bovendien waren de wegen zo stil dat we meestal rustig een waaier over de volle breedte van de weg konden vormen. Een beetje spijtig dat we door een black out van onze vaste Friese voorrijder (volgens hem klopte de Franse bewegwijzering niet) begonnen met 14km om te rijden. En het was al zo lang. Het landschap in de departementen Lot en Tarn et Garonne is overigens prachtig. Woeste kloven, kolkende rivieren, en wuivende zonnebloemen zover het oog reikt. Over het weer hadden we ook weinig klagen. Beetje winderig, zoals gezegd, maar zonnig en niet te warm.
Toch hebben er aardig wat mensen een jasje uitgedaan vandaag. Peter Vunderink bijvoorbeeld, die behalve de afstand ook nog eens drie lekke banden en kapotte schoenplaatjes moest trotseren. Peter fietst samen met Ellen Scheffers en Rinze Oosterkamp, wat samen ook maar een klein waaiertje maakt.
Het hotel maakt vandaag veel goed. Hotel de Bastard in Lectoure is een aanrader. Jammer alleen dat Lectoure na 200km fietsen bovenop een heuvel bleek te liggen. Als u in de buurt bent: Probeer de terrine van linzen en ganzenlever. Of vraag naar de suprème de volaille met zomergroenten. Maar wat u zeker niet mag missen is de soep van meloen met een granito van frambozen.
Hoe was mijn dag? Ook lang. Als PSV spits Romario de Souza Faria geen zin had in een interview, zei hij het enige Nederlandse zinnetje dat hij volgens mij ooit geleerd heeft: “Romario is een beetje moe”.
Mag ook wel, na 210 kilometer en 2417 hoogtemeters. Morgen weer zo’n dag.

woensdag 8 juli 2009

Fietstoerisme

Fietstoerisme: vlnr Bouke, Ruud, Jan, John, Jan, George, Joost, Rocamadour

Etappe: St. Cirgues-de-Jordanne - Creysse
De heren en de twee dames hadden er eigenlijk niet zoveel zin in vandaag. Zeker niet omdat het vlak voor het vertrek vanmorgen nog behoorlijk naar beneden plensde. Maar Fred Charité is op zo’n moment onverbiddelijk. Fred heeft de 100 Cols tocht al zo vaak gereden dat hij alleen voor de vorm nog een routebeschrijving meeneemt. Fred is vorige week ook gewoon van Almere naar Tarare gefietst met een bagagekarretje achter zijn racefiets. Voor alle echtgenotes die vinden dat hun man met zo’n 100 Cols tocht veel te fanatiek bezig is: het kan dus nog veel gekker. Fred gaat ’s morgens om acht uur gewoon buiten in de regen klaarstaan voor vertrek. En omdat het met Fred goed fietsen is (het gaat niet extreem hard en je rijdt nooit fout) moet iedereen eigenlijk wel mee, zin of niet.
Om vanaf hotel Les Tilleuls weer snel op de route te komen had Jac bedacht dat het wel leuk was om direct na het ontbijt een helling van maximaal 17% in het schema op te nemen. De mensen met een regenjasje aan (ik dus) hadden spijt als haren op hun hoofd. Het was de hele ochtend jasje aan, jasje uit, armstukken en overschoenen idem dito. Ruud Voerman en Jan de Jong hadden in hun onmetelijke wijsheid besloten dat het tempo vandaag gedrukt moest worden tot maximaal hartslagzone D2. Dat is het tempo waarbij je nog iemand terug kunt vloeken die toch probeert om harder te gaan. En zowaar, naarmate we zuidelijker kwamen ging de zon ook nog steeds meer schijnen. Er werd spontaan gestopt voor koffie in Crandelles en voor lunch op het terras in Saint Cere. Omdat we al drie dagen pluimvee aan het eten zijn was het hoog tijd voor een entrecôte. Vandaag waren we voor de verandering eens echte fietstoeristen. Ik heb een aantal blogjes terug de deelnemers aan de 110km van de Steven Rooks Classic al eens als zodanig betiteld, wat me de aantijging opleverde een ‘fietssnob’ te zijn. Misschien ben ik dat ook wel. Maar vandaag was ik toerist onder de toeristen. Tot en met de foto bij het Point de Vue bij Rocamadour aan toe. Het fietstochtje van Rocamadour naar ons hotel in Creysse was een cadeautje van Jac. Prachtige weggetje langs de Dordogne. Hopelijk is iedereen vandaag onderweg weer genoeg hersteld voor de 200km’s die de komende 2 dagen op het programma staan, om maar niet te spreken van de koninginnerit op dag 6.
Vandaag 136 km, gemiddeld toch nog 27km/u, vooral omdat de 1599m klimmen gecompenseerd werden door 2250m dalen! Maximaal 67,2kmu, maximale hartslag 152 (heel netjes).

Route Barree

Route Barree

Etappe: La Chaise de Dieu – St. Cirgues-de-Jordanne
Onze grote reisleider Jac Zwart heeft alle routebeschrijvingen van de 100 Cols tocht zorgvuldig aangevuld, zodat we op zijn aanwijzingen zonder problemen van hotel naar hotel kunnen fietsen. De routebeschrijving is heilig. Als je per ongeluk één van de 100 cols mist, wordt daar aangifte van gedaan en kun je naar je certificaat fluiten. Je laat het dus wel uit je hoofd om van het rechte pad af te wijken. Daar komt bij dat fietsers een hekel hebben aan verdwalen en omrijden. Dus door een bord ‘ROUTE BARRÉE’ op de officële route laten wij ons over het algemeen niet afschrikken. Er zijn tenslotte maar weinig wegopbrekingen waar je met de fiets niet met een beetje manoeuvreren langs kunt. Of er moet al een hele brug tussenuit zijn. Vandaag miste er dus een hele brug. Gelukkig stond de rivier droog en had één brugleuning kennelijk de status van monument dat mocht blijven. Dus het was óf drie meter naar beneden door de rivierbedding en weer omhoog, óf op je fietsschoenen balanceren over de historische brugleuning en je fiets als evenwicht gebruiken. We zijn allemaal heelhuids aan de overkant gekomen. Ik zat vandaag in de verkeerde groep. Over het algemeen was dat de groep Kienstra (in wisselende samenstelling) die altijd weer een versnelling in huis heeft als ik net ben aangesloten. Soms ondersteund door hardrijdende Tukkers als Gerrit Jonkman en Wim Kommerkamp, dan weer door een Friese doorloper als Bauke Bunink. Het was afzien. Zeker bij de tweede Route Barrée van de dag. De asfalteermachine had de Côte de Celles net over de volle breedte van een dampende nieuwe laag voorzien. Twee kilometer hebben we omhoog gelopen langs, en soms in het natte asfalt. Vervolgens ook nog de weg kwijtgeraakt. Dat laatste was niet verwonderlijk, want we hadden die vermaledijde bult helemaal niet opgemoeten! Tegen een extra klim heeft de organisatie gelukkig geen bezwaar. Restaurant Les Volcans in Murat is van een Maigreteske troosteloosheid. De salade met Bleu d’ Auvergne en de varkenskarbonade met gegratineerde aardappels met Cantal waren ok. Pièce de Résistance vandaag was de Puy Mary. Wind tegen, regen, en twee steile slotkilometers waarbij je je adem in wolkjes zag stokken. Ik ben bang dat ik mijn knie een tikje heb geforceerd. Hoop dat de ijsblokjes voldoende helpen.
De statistiek: 155km, 24,5km/u (=hard als je die twee kilometer bergop wandelen meerekent) 2585 hoogtemeters.

maandag 6 juli 2009

100 Cols2 - Dag 1 - Niets nieuws onder de zon

Ravitaillering onderweg

Etappe: Tarare – La Chaise de Dieu
Van de 26 fietsers die meedoen aan het 2e deel van de 100 Cols tocht, georganiseerd door le Champion, waren er 14 ook vorig jaar van de partij. En zoals Jan de Jong na een kwartier treffend opmerkte: “Er is helemaal niks veranderd”.
Binnen een kilometer kregen we de eerste klim voor de kiezen. En jawel hoor, Ruud Voerman deelt een speldeprikje uit “alleen om te kijken wie er het eerste commentaar zou leveren”. En George Kienstra “Ik wilde vandaag mijn hartslag rond de 150 houden” zoekt onmiddellijk zijn maximale hartslag op met Jan van Lieshout in zijn wiel. Gevolg? De eerste côte werd weer spijkerhard opgereden. Ik vond het bij een hartslag van 170 wel mooi en moest er dus af. Aanstichter Ruud moest het bezuren en deed de naam van de tweede klim ‘Col de croix de ‘l homme mort’ eer aan.
In alle mogelijke opzichten was het: L’ histoire se repète. Ik moest praten als Brugman voor een kopje koffie op een terrasje onder de platanen. Jan de Jong komt uit het niets weer aansluiten en rijdt in de afdaling iedereen uit het wiel. Ad van Dijk doet dat daarna nog eens dunnetjes over.
De eerste lekke band was voor Frans van der Geer. Wolter Busser moest uitvallen. Hij had te veel last van een gescheurde hamstring die hij vorige week op zijn werk heeft opgelopen. Balen. Daar valt de gebroken kilometerteller van Ariën Oskam bij in het niet.
Verder was het een cadeautje. Frankrijk op zijn mooist, 30 graden, zonnetje, plakkend asfalt, mooie plaatsnamen. Ik bedoel maar: waar anders kun je fietsen naar de 'zetel van God'? De colletjes waren pittig, maar als je je een beetje kon inhouden eigenlijk best te doen. 08.00u vertrokken en om 14.00u al binnen. 132 kilometer, 2230 hoogtemeters, dat wel, in deze ‘vlakke’ etappe.
Perfecte lunch bij Hotel L’ Echo: pavé van zalm met honingsaus en quinoa. Ook de filet mignon met linzen in roomsaus was een aanrader volgens George.

zondag 5 juli 2009

Inspanningstest


Na een half jaar trainen bij Webtrainer Bergop mocht ik me bij Adrie van Diemen melden voor de afsluitende inspanningstest. Een half uur van de waarheid op een hometrainer die steeds meer aanloopt, terwijl je hartslag stijgt, je adem stokt en het zweet je uit de poriën gutst. Een half jaar bikkelen op de schema’s van Webtrainer coach Marcel Lamberts, afgeknepen worden tijdens de clinics op de trainingsrondjes van Richard van Ameijden en de broekriem aanhalen met de voedingsschema’s van Nick Iedema. En dat alles voor je lol, met als enige doel om de komende twee weken fluitend het tweede deel van de 100-Cols tocht uit te fietsen. Zodat ik minzaam glimlachend tegen die jongens naast me (of achter me) op de fiets kan zeggen: “Goh, was dit de Tourmalet al? Ik had gedacht dat ie hoger was.”
Gelukkig is het niet voor niets geweest. Adrie was tevreden. Vergeleken met mijn prestaties bij de ‘intake’ is mijn vermogen Bergop met 25,9% toegenomen. Meer vermogen, een lager vetpercentage en minder kilo’s om naar boven mee te nemen zonder dat ik een nieuwe fiets hoefde te kopen.
Een klim die me in december 60 minuten had gekost kan ik nu in 47 minuten oprijden verzekerde Adrie me. Ik heb al mijn eigen records gebroken.
Ik ben nu met de 24 mannen en 2 dames in de bus onderweg naar Tarare waar we maandag gaan starten met de eerste van 10 etappes over heel veel bergen en nog veel meer kilometers. Ik mag dan wel in topvorm zijn, maar als ik zo al die afgetrainde koppies om me heen zie weet ik al hoe laat het is. Ik mag blij zijn als ik er morgen boven op de eerste berg nog aan hang.

Het wonder van de 15-seconden commercial

Er is een eenvoudige manier om te snijden in uw reclamebudget, zonder dat het ten koste gaat van de effectiviteit van de campagne. Maak kortere reclamespots. Nu zijn veel reclamemakers en adverteerders bang dat snijden in de spotlengte ten koste gaat van de ‘Creativiteit’, of ‘het Verhaal’, en daarmee van de mogelijkheid om in het brein van de kijker door te dringen.
Dat blijkt bij nader inzien nogal mee te vallen. Het nader inzien komt uit een onderzoek van het Ehrenberg-Bass instituut voor Marketing Science dat in maart van dit jaar werd gepubliceerd.
Zij vergeleken het gemiddelde effect van 108 30-seconden (30'') commercials met dat van 35 reclamefilms van 15 seconden. Het onderzoek werd uitgevoerd in Australië, steekproefaantallen en onderzoeksmethode worden in het paper niet expliciet vermeld. Uit de context leid ik af dat het waarschijnlijk een telefonisch onderzoek is geweest.
De effecten die werden onderzocht zijn reclameherinnering, ‘likeability’ en een ‘correcte merktoekenning’. Kunnen mensen zich herinneren dat ze de reclame onlangs gezien hebben, vonden ze het leuk of fijn om naar te kijken en weten ze nog waarvoor het was?
Het effect van die 15’’ als je kijkt naar reclameherinnering was 81% van dat van de gemiddelde 30’’ versie. 15’’ films scoren op ‘likeability’ 91% ten opzichte van de 30’’ uitvoering. De merktoekenning was zelfs even goed.
Dat laatste vonden de onderzoekers vreemd. Bij een nadere inhoudsanalyse bleek dat in een 15’’ commercial het merk gemiddeld elke 4 seconden aanwezig is, tegen eens per 8 seconden in een 30’’ commercial.
15’’ commercials laten bovendien het merk eerder zien, gemiddeld na 3 seconden, tegen 11 seconden voor de dubbele versie.
En er waren relatief veel 30’’ commercials die pas in de laatste 10 seconden het merk verklapten.
Wat onze tegenvoeters verleidde tot het poneren van het klassieke Van Gaal dilemma: zijn die 15’’ commercials nou zo goed, of zijn die 30’’ commercials nou zo slecht?
Het uitzenden van een filmpje van 15 seconden kost, even uit mijn hoofd, 60-65% van het geld dat je neerlegt om een 30’’ commercial op de buis te krijgen.
Je bent als adverteerder dus een dief van je eigen portemonnee als je de spotlengte niet terugbrengt.
Maar wat als alle adverteerders dat gaan doen? Worden de reclameblokken dan de helft korter? Of worden alle spots voortaan twee keer zo vaak uitgezonden? Ik weet niet of de kijker dan door de dubbele ‘clutter’ nog het merk blijft zien.
Maar wie het eerst komt maalt daar niet om.

Newstead, Kate and Jenni Romaniuk, In Praise of the 15-second Advertisement, www.MarketingScience.info, download april 2009.

maandag 15 juni 2009

Limburgs Mooiste


In het kader van mijn voorbereiding op het tweede deel van de 100 Cols tocht fietste ik dit weekend Limburgs Mooiste. De ‘groene lus’ van 200 kilometer. En zoals ik vroeger op de lagere school geleerd heb, maak je groen door een combinatie van de blauw en geel. Daarmee miste ik wel een groot deel van de ‘bekendere’ klimmetjes die opgenomen waren in de rode lus, maar kon ik nog wel het staartje van de 18e verjaardag van mijn jongste zoon meemaken. Fietstrainingen zijn erg tijdsinefficiënt, als dat een woord is. Je moet er erg veel uren instoppen voor het gewenste rendement. Maar daar wilde ik het nu niet over hebben. Wel dat die ‘groene lus’ van Limburgs Mooiste een aanrader is. Je begint ’s morgens vroeg met het blauwe rondje en je hebt het bijna helemaal voor jezelf. Je moet dus wel goed op de routepijlen letten, maar blind achter een groepje aanfietsen is ook niet alles zoals ik bij de Steven Rooks Classic heb ervaren. Omdat de blauwe lus ook relatief weinig hoogtemeters telt was ik er waarschijnlijk met de Webtrainer Bergop clinics nog niet geweest. Met het zonnetje erbij en niet helemaal buiten adem van het klimmen is Limburg inderdaad erg mooi. Helaas was het ’s middags op de gele lus wel af en toe filerijden. En ondanks het mishouden van de lastigste hellingen lukte het me toch nog om 15 kilometer voor de finish kramp te krijgen. Adrie van Diemen zal wel zeggen dat ik te weinig heb gegeten, maar op een gegeven moment komt die sportdrank met rijstevlaai je gewoon je neus uit. Ik hou het er maar op dat ik gewoon heel hard gefietst heb over die 209km en 2189 hoogtemeters. Bovenstaande foto is het bewijs.
P.S. Hulde aan het Van der Valk hotel in Heerlen. Toen ik na afloop mijn bagage kwam ophalen kreeg ik het aanbod om eerst nog te douchen in hun sportcentrum. Prima service!